Rij- en rusttijden


Rij- en rusttijden bepalingen

Chauffeurs die vervoer over de weg verrichten zijn gebonden aan bepalingen voor rij- en rusttijden. Deze bepalingen worden Europees vastgesteld en vastgelegd in een verordening. Op 11 april 2007 is de verordening met nummer 561/2006 van kracht geworden. Concreet houdt dit het volgende in:

Dagelijkse rusttijd

  • Normaal: periode van 11 uur aaneengesloten rust
  • Mag gesplitst worden in 2 perioden:
  • 1e minimaal 3 ononderbroken uren
  • 2e minimaal 9 ononderbroken uren
  • Verkorte dagelijkse rust: minimaal 9 uur, en minder dan 11 uur (max. drie maal per week)
  • Meervoudige bemanning: minimaal 9 uur (periode 30 uur), 1e uur facultatief (wanneer 2e bestuurder binnen 1 uur wordt toegevoegd, geldt voor beiden vanaf aanvang van ieders werkzaamheden de periode van 30 uur)

Wekelijkse rusttijd

  • Normaal: periode van 45 uur aaneengesloten rust
  • Verkorte wekelijkse rust: minimaal 24 uur aaneengesloten rust (mits compensatie voor einde derde week en bloc)
  • In iedere periode van twee weken 2 x een normale wekelijkse rusttijd, of 1 normale en 1 verkorte wekelijkse rusttijd
  • Uiterlijk na iedere periode van 6 x 24 uur dient een nieuwe wekelijkse rusttijd aan te vangen

Dagelijkse rijtijd

  • Totale rijtijd tussen 2 rusttijden (dagelijks of wekelijks)
  • Normaal: maximaal 9 uur
  • Maximaal 2 x per week: 10 uur

Ononderbroken rijtijd

  • Na 4,5 rijtijd neemt bestuurder onderbreking van 45 aaneengesloten minuten
  • Mag worden vervangen door onderbreking van 15 minuten, gevolgd door één van 30 minuten (totaal minimaal 45 minuten)

Wekelijkse rijtijd

  • mag niet meer bedragen dan 56 uur

Twee wekelijkse rijtijd

  • mag niet meer bedragen dan 90 uur